Archive for the ‘Hier en nu’ Category

Mitt is geen Mitterand

Friday, November 9th, 2012


Amerika heeft een historische kans laten liggen om iemand met een belachelijke voornaam tot president te kiezen. Het is niet gelukt en dat is pech voor Mitt. Persoonlijk geloof ik dat zijn voornaam een belangrijke reden voor zijn verlies is geweest. Die valt namelijk in de categorie ‘Butch’, ‘Bubba’ en ‘Scooter’. In Nederland kun je geen minister-president worden als je Wesley heet en in Amerika is Mitt kansloos. Als vrouw maak je nog meer kans, zelfs als je Durkje heet.

Mitt past democratisch veel beter bij de Amerikaanse volksaard. Tegen abortus, tegen het homohuwelijk en bijna fundamanteel gelovig. Wat willen ze nog meer? Ongelofelijk dat hij het niet geworden is. Ik ben er blij mee, want ik ben ervoor dat homo’s abortus kunnen plegen. Hierbij wil ik dan ook de ouders van Mitt hartelijk bedanken, want al hebben ze hem dan niet geaborteerd, ze gaven hem gelukkig een kansloze voornaam.

Zondagochtendritueel

Wednesday, April 21st, 2010

Mijn anderhalf jaar oude dochter staat graag vroeg op en daarom waren wij afgelopen zondag om zes uur al uit de veren. Met haar voorop in het kinderstoeltje, fietste ik naar het park. Daar waren verschillende honden hun bazen aan het uitlaten en één van die honden had een psychische stoornis. Het was een Herder, maar ik kon niet zien of het een Duitse, Mechelse of Noord-Koreaanse was. Hij blafte veel en hard en rende als een bezetene om onze fiets heen. Daarbij hapte en snapte hij in het rond en beet mij ineens zonder mijn toestemming in mijn been! Het deed pijn en ik probeerde weg te komen van dit duivelse kolerebeest. Ik schold de hond daarbij uit, onder andere voor rotte vis, maar dat maakte geen enkele indruk, zelfs niet toen ik hem uitschold voor ‘hypocriete charlatan’.

Daarom fietste ik maar snel weg voordat hij zijn ongepoetste tanden ook nog in mijn dochter kon zetten. Van een afstand zag ik dat hij werd nagezeten en teruggeroepen door zijn bazin die schreeuwde: ‘Henkjan, hier! Henkjan!’ Van veilige afstand schreeuwde ik naar het vrouwtje: ‘Uw hond moet aan de lijn! En u trouwens ook, als ik uw pens zo zie!’Ze hoorde het niet, want ze had het veel te druk.

Ik trok mijn broekspijp omhoog en zag op mijn been tandafdrukken en het begin van een fikse blauwe plek. Mijn tatoeage zat er gelukkig nog. Er was geen bloed en ik besloot om ditmaal eens geen tetanus-injectie te gaan halen. Met mijn ene been slepend over de grond fietste ik naar de speeltuin tegenover ons huis. Daar zette ik de fiets neer en haalde dochtertje uit de stoel, dat meteen koers zette naar de glijbaan.

Ik ging op een bankje zitten en wreef zachtjes over mijn been. Mijn blik viel op iets blinkends in de bosjes. Wat zou dat nu zijn? Ik hinkte erheen en zag dat het een tas was. Of beter: een hoes. Een gitaarhoes. Of nee: een basgitaarhoes. Ik nam het ding uit de struiken en ritste hem open. Er zat een basgitaar in! Een echte! Hoe kwam die daar nu terecht? Was ze er neergegooid door een dief zonder muzikale opleiding? Of was ze gedropt door een basgitaarsmokkelaar?

Met mijn been in de ene hand en de basgitaar in de andere liep ik naar huis. Op de bas zat een sticker met het telefoonnummer van een muziekinstrumentenwinkel. Ik belde het op de eerste werkdag na de vondst en beschreef de basgitaar. De verkoper aan de andere kant van de lijn zei: ‘Zat hij soms in een blauwe canvas hoes van merk X?’ Dat was inderdaad zo. ‘Dan is hij van de bekende Nederlandse bassist Pim Dijkman, die regelmatig te diep in het glaasje kijkt. (Om redenen van privacy heb ik de voornaam van Pim Dijkman aangepast, want eigenlijk heet hij Wim.) Hij gaf mij het e-mailadres van Pim en ik stuurde hem een bericht over de verloren bas. Hij heeft zich nog niet gemeld.

Vliegmirakel

Tuesday, February 23rd, 2010

In de top tien van de meest onderschatte dieren staat de vlieg op een hoge plaats. Het dier kan zo goed vliegen dat die twee Joint Strike Fighters van tegenwoordig er niets bij voorstellen. Ga daar maar eens aan staan als je ook nog een slurf met je mee moet torsen.

Gisterochtend zag ik hier op kantoor een vlieg die in hoge nood verkeerde. Hij lag namelijk in de wc en het leek alsof hij dood was. Een collega had over hem heen geplast en ik besloot het dier snel uit zijn lijden te verlossen door door te trekken.

Nadat het geborrel voorbij was, kwam de vlieg weer bovendrijven en spartelde een beetje. Hij leefde dus nog! Ik kreeg meteen enorm medelijden met deze heuse je maintiendrai-vlieg en besloot hem te verplegen.

Met een stukje wc-papier viste ik hem uit de toiletpot en legde hem op de rand van de wasbak op een droog stukje toiletpapier. Het dier liep er langzaam overheen en maakte zichzelf zo droog. Briljant!

Ik legde het ziekbed van pleepapier inclusief patiënt dichtbij de verwarming en liet de natuur zijn helende werk doen. Een kwartier later was de vlieg al kwiek met zijn vleugeltjes aan het klapperen en aan het eind van minuut 17 steeg hij op en vloog naar mijn collega, waar hij tevreden op plaats nam en zijn voorpootjes begon te wassen. (Mijn collega doucht zich altijd ‘s avonds in plaats van ‘s ochtends en dat vind ik zeer vliegvriendelijk.)

Vanochtend kwam ik weer op kantoor en tot mijn grote blijdschap bleek de vlieg nog steeds te leven. Het is vandaag aangenaam warm en ik zet straks een raam open, zodat Maxime, zoals wij hem hier langzaam zijn gaan noemen, de wijde wereld in kan.

Bezigheidsklasse

Tuesday, February 23rd, 2010

bcGisteren heb ik eindelijk eens een keer Business Class gevlogen en nu kan ik dus uit de eerste hand vertellen hoe dat is aan mensen die dat nog nooit hebben gedaan. Mensen die altijd of regelmatig Business Class vliegen raad ik aan om op een ander weblog hun tijd te gaan verkwisten.

Mijn vrouw, zuigelingetje en ik kwamen drie uur te vroeg aan op het Noorse vliegveld Gardermoen en daarom vroegen we aan de inboekmedewerkster of we misschien mee mochten met een eerdere vlucht. Dat mocht, want er waren nog een paar plaatsen vrij, maar dan moesten we wel genoegen nemen met een stoel in de Business Class zonder te hoeven bijbetalen. Na lang twijfelen gingen we daarmee maar akkoord.

We kwamen vooraan te zitten naast rijke mensen die zich zichtbaar ergerden aan het feit dat gewone reizigers een plaats in de Business Class werd gegund. Toen het eten werd geserveerd door KLM-purser Wil Bout (overigens een aanbeveling, zorg dat je een keer bij haar in het vliegtuig komt!) kregen de mensen om ons heen een hoogwaardig driegangen-ontbijt dat heel uitdrukkelijk en tot opluchting van de veelbetalers NIET aan ons geserveerd werd. Wij kregen een broodje ei.

Het cabinepersoneel heeft van tevoren de namen van de bezigheidklasse-reizigers uit hun hoofd geleerd en daardoor zeggen ze dingen als: “Mr. Rasmussen, would you like a hot towel?” en: “Mrs. Vögelein, is the leg space O.K.?” Onze namen kenden ze niet van buiten en ze vroegen er gelukkig ook niet naar. Wel streek Wil over haar bout, ehm over haar hart toen ze met de bonbondoos langskwam: daar mochten wij er ook eentje uit nemen.

Eigenlijk is vliegen in de Business Class de soms wel drie keer hogere prijs niet waard, vind ik. Je hebt meer beenruimte, maar met mijn korte beentjes heb ik daar net zoveel aan als mijn zeven maanden oude dochter. Ik verdenk de reizigers in die klasse sinds gisteren ervan dat ze daar zitten om op te scheppen. Mijn advies aan zakenmensen met korte benen is dan ook: boek op tijd, vlieg als het even kan Economieklasse en geef de rest van het geld aan een goed doel, bijvoorbeeld het bestrijden van de honger in de Economy Class.